onhandelbare puber

Onhandelbare puber in huis: zo doorbreek je de strijd

Een onhandelbare puber heeft meestal meer aan rust, duidelijke grenzen en contact dan aan steeds zwaardere straffen. Bespreek moeilijk gedrag op een rustig moment, maak samen haalbare afspraken en zoek hulp als ruzies blijven terugkomen of iemand zich thuis onveilig voelt.

Voortdurend geschreeuw, deuren die dichtslaan of afspraken die worden genegeerd kunnen veel van je vragen. Dat maakt je geen slechte ouder. Tegelijk is je kind niet het probleem: het gedrag en de situatie vragen om aandacht.

Wanneer voelt een puber onhandelbaar?

Misschien loopt elk verzoek uit op ruzie. Je kind scheldt, weigert afspraken na te komen of reageert boos zodra je iets vraagt. Ook kan een puber zich afsluiten en nergens over willen praten. Als dat vaak gebeurt, kun je het gevoel krijgen dat je geen contact meer hebt.

Af en toe botsen hoort bij het opgroeien. Er is geen scherpe grens tussen lastig gedrag en gedrag waarvoor hulp nodig is. Kijk daarom vooral naar de gevolgen: hoe vaak loopt het mis, hoe heftig is de ruzie en lukt het jullie nog om samen tot rust te komen?

Achter boos of koppig gedrag kan onzekerheid, stress of een ander probleem zitten. Dat betekent niet dat je schelden of dreigen moet accepteren. Het helpt wel om nieuwsgierig te blijven naar wat er speelt, in plaats van je kind alleen als lastig te zien.

Wat doe je tijdens een heftige ruzie?

Tijdens een uitbarsting heeft een lang gesprek meestal weinig zin. Probeer eerst te voorkomen dat de spanning verder oploopt. Dat geldt ook als je zelf boos bent.

  • Praat kort en rustig. Zeg bijvoorbeeld: “Ik wil naar je luisteren, maar niet terwijl we schreeuwen.”
  • Stop het gesprek als dat nodig is. Spreek af dat je erop terugkomt zodra jullie rustiger zijn. Gebruik de pauze niet als dreigement.
  • Houd afstand als je kind erg boos is. Ga niet voor een deur staan en probeer je kind niet vast te houden om de discussie te winnen.
  • Maak veiligheid de eerste stap. Ga bij dreiging of geweld met andere huisgenoten naar een veilige plek. Bel 112 als er direct gevaar is.

Je hoeft de ruzie niet meteen op te lossen. Een pauze geeft jullie de kans om later te bespreken wat er gebeurde en wat een volgende keer kan helpen.

Zo ga je na de ruzie weer in gesprek

Kies een moment waarop jullie allebei rustig zijn. Dat hoeft niet aan tafel tegenover elkaar. Een gesprek tijdens een wandeling of onderweg kan minder spanning geven.

Begin met wat je zag, zonder woorden als “altijd” en “nooit”. Zeg bijvoorbeeld: “Gisteren gingen we allebei schreeuwen toen ik vroeg hoe laat je thuis zou zijn. Hoe was dat voor jou?” Laat je kind uitpraten, ook als je het niet met alles eens bent.

Vraag daarna wat je puber nodig heeft om een afspraak te kunnen nakomen. Misschien was de afspraak niet duidelijk, voelde je kind zich niet gehoord of speelde er iets waar je niets van wist. Je kunt begrip tonen en tegelijk aangeven waar je grens ligt: “Ik snap dat je langer wilde blijven. Ik wil wel weten waar je bent.”

Kijk ook naar je eigen aandeel. Heb je geschreeuwd of iets kwetsends gezegd? Bied daar je excuses voor aan. Daarmee laat je zien hoe je na een ruzie verantwoordelijkheid kunt nemen, zonder het gedrag van je kind goed te praten.

Duidelijke grenzen zonder een voortdurende machtsstrijd

Als thuis alles een strijd is geworden, helpt het om niet elk meningsverschil tegelijk aan te pakken. Kies eerst wat voor veiligheid en samenleven nodig is, zoals niet dreigen en laten weten waar je bent. Geef je puber bij minder dringende zaken ruimte om mee te denken.

Maak afspraken zo concreet mogelijk. “Gedraag je beter” is lastig uit te voeren. “Stuur een bericht als je later thuiskomt dan afgesproken” maakt duidelijk wat je verwacht. Vraag ook welke afspraak je kind zelf redelijk vindt.

Gaat een afspraak mis, bespreek dan een gevolg dat past bij de situatie. Is er bijvoorbeeld iets kapotgegooid, dan kun je samen kijken hoe de schade wordt hersteld. Vermijd zware straffen die weinig met het gedrag te maken hebben of die je niet kunt volhouden. Die kunnen de strijd groter maken.

Een grens stellen betekent niet dat je ieder gesprek moet winnen. Je kunt besluiten ergens later op terug te komen, zonder de grens los te laten.

Als je puber de sfeer in huis verpest

Het is begrijpelijk als je opziet tegen thuiskomen of merkt dat andere kinderen in huis last hebben van de spanning. Benoem wat het gedrag met jullie doet, zonder je puber verantwoordelijk te maken voor elk probleem in het gezin. Bijvoorbeeld: “Als er wordt geschreeuwd aan tafel, schrikt iedereen. We gaan uit elkaar als dat gebeurt.”

Probeer daarnaast contact te houden op momenten waarop er niets misgaat. Vraag iets over een interesse van je kind of doe samen iets kleins, zonder meteen over afspraken te beginnen. Merk je dat je puber een ruzie eerder stopt of uit zichzelf iets laat weten? Benoem dan wat je zag. Een oprecht compliment kan helpen om niet alleen nog maar tegenstander van elkaar te zijn.

Je mag ook zelf steun zoeken. Praat met iemand die je vertrouwt of maak een afspraak met de huisarts of het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Je hoeft niet te wachten tot je puber mee wil.

Wanneer zoek je hulp bij een onhandelbare puber?

Vraag hulp als ruzies vaak terugkomen, jullie er samen niet uitkomen of de situatie thuis veel spanning geeft. Je kunt ook eerder advies vragen als je je zorgen maakt. De huisarts of het CJG kan met je meedenken over passende ondersteuning voor jou, je kind of jullie samen.

Neem zorgen serieus als je kind erg somber lijkt, zich sterk terugtrekt, praat over zichzelf iets aandoen of als er geweld of dreiging is. Bij direct gevaar bel je 112. Voor advies over onveiligheid en geweld thuis kun je contact opnemen met Veilig Thuis.

Loopt je kind weg en weet je niet waar het is? Neem contact op met mensen bij wie je kind mogelijk is en wacht niet met de politie bellen voor advies. Laat je kind, als er contact is, weten dat het welkom is en dat jullie kunnen praten.

Veelgestelde vragen over een onhandelbare puber

Wat als mijn puber niet wil praten?
Dring niet aan op een gesprek midden in een ruzie. Laat op een rustig moment weten dat je wilt luisteren en vraag of je kind liever met iemand anders praat. Je kunt intussen zelf advies vragen bij de huisarts of het CJG.

Moet ik strengere straffen geven als afspraken niet werken?
Niet automatisch. Kijk eerst of de afspraak duidelijk en haalbaar was en wat er misging. Een passend gevolg en een nieuwe afspraak geven vaak meer houvast dan steeds zwaarder straffen.

Is het erg als ik mijn puber soms niet leuk vind?
Nee. Je kunt veel van je kind houden en tegelijk moeite hebben met het gedrag. Neem die gevoelens serieus en bespreek ze met iemand die je vertrouwt, zodat je er niet alleen mee blijft zitten.

Begin met één situatie die thuis vaak tot ruzie leidt. Kies een rustig moment, luister naar de kant van je kind en maak samen één duidelijke afspraak. Lukt dat niet of voelt het thuis onveilig, schakel dan hulp in.

Scroll naar boven